Dutch Design Week

Dutch Design Week; de inspiratie voor je organisatie van morgen

Wie bezig is met de toekomst en visie van zijn organisatie, moet vooral ook out of the box denken. Geïnspireerd worden door designers op de Dutch Design Week is een te gekke exercitie. Tikor Kroese neemt je mee terug naar de Dutch Design Week 2018 Eindhoven.


Door Tikor Kroese

Ieder jaar staat eind oktober geblokt in mijn agenda; de Dutch Design Week. Ik mis geen enkele editie. Want design laat zien wat er allemaal staat te gebeuren in de nabije toekomst. Oók voor organisaties.

Design is meer dan een hippe stoel

Dit jaar was ik op de Dutch Design Week een dag gids voor een aantal SAMR klanten. Stuk voor stuk mensen die zich bezig houden met de visie van hun organisatie. Men verwachtte hippe stoelen, gekke materialen, rare spullen (en die kregen ze ook). Maar na afloop waren ze allemaal overtuigd dat het verhaal achter de Dutch Design Week veel méér is. Namelijk een blik op de toekomst: ook voor organisaties. Ik licht het je graag toe aan de hand van een aantal voorbeelden.

Hergebruik: mosselen en het cement van morgen

Sommige ontwerpen op DDW komen op het eerste gezicht wellicht ‘vreemd’ over. Of juist helemaal niet mooi of speciaal. Dat komt omdat je het verhaal erachter niet kent. En daar gaat het juist om bij DDW. Soms is het wat verder zoeken, zoals bij een 3D geprinte lampenkap van gemalen mosselschelpen. ‘Geinig dingetje’ zou je kunnen denken. Totdat je hoort dat er jaarlijks in Nederland al zo’n 20 miljoen (!) kilo mosselafval wordt weggegooid.

De ontwerper kwam erachter dat ze de fijngemalen mosselschelpen kon mengen met een suikergelei, waardoor er een soort cement ontstaat waar je dingen mee kunt bouwen. Gebruik je het product niet meer, is het eenvoudig in water op te lossen en kun je het ‘cement’ opnieuw gebruiken. Volledig circulair. Maar belangrijker nog: het zet aan tot nadenken over hergebruik, afval en wat we allemaal als grondstof kunnen gebruiken.

De 3D geprinte brug en denken in mogelijkheden

Nog een mooi voorbeeld; de 3D-geprinte brug. Nou is 3D-printen niet heel nieuw meer, maar wist je dat er binnenkort een heuse 3D-geprinte brug in Amsterdam wordt geplaatst? Die brug werd getoond op DDW. Met zijn glanzende golvende stalen uiterlijk wellicht een typisch design-stuk. Ook technologisch én economisch interessant: met 3D-printen kunnen organische vormen worden gemaakt die in de bestaande staalindustrie onmogelijk zijn, het is relatief goedkoop en er wordt geen materiaal verspild. Maar het gaat verder dan dat. Ze laten hier de complete ontwikkeling van 3D-printen zien. Van instant maquettes voor architecten naar meters lange stalen objecten, sterk genoeg om als brug in Amsterdam te dienen. Het is een les denken in nieuwe mogelijkheden en de toepassing van hoogstaande innovatie. Wederom, als je het verhaal erachter niet kent, kom je niet verder dan ‘mooie brug’, ‘fancy design’.

Vloggers zijn je klanten van morgen

Wat leert een installatie met eerste vlogs van kinderen? Knullig gemonteerd en soms niet te volgen? Het laat zien dat de wereld verandert. Kinderen willen geen astronaut, agent of journalist meer worden, ze willen vlogger worden. Vloggers zijn de iconen die hun leven bepalen. Hun mening wordt gezien als waarheid.

Een mooi voorbeeld kwam van mijn collega Bas Peters. Zijn kinderen wisten hem precies te vertellen waar hij zich aan ergerde. YouTuber Dylan Haegens had dat namelijk uitgelegd in zijn ‘tien vader-ergernissen’. Dat staat op internet, op beeld zelfs, dus het is waar.

Deze nieuwe generatie heeft dus andere wensen en rolmodellen. Het zijn ontwikkelingen die je moet meenemen in de toekomstvisie van je organisatie, van reclame tot management. En trouwens ook op het gebied van HR: het zijn immers ook je medewerkers van morgen.

Nadenken over de toekomst

Designers maken dus niet zomaar rare en kunstzinnige ontwerpen. Ze zijn in alles getraind om jaren vooruit te denken. Wat je op DDW ziet is over twee tot drie jaar mainstream. Het zet aan tot nadenken. Onontbeerlijk voor iedereen die bezig is met de toekomst van zijn organisatie. Oke, het interpreteren van de ontwerpen van al die ‘zweverige types’ en het toepassen op je eigen organisatie is een vak apart. Die kunst verstaat niet iedereen, maar dat hoeft ook niet. Er zijn genoeg manieren om hierbij geholpen te worden.

Desing thinking

SAMR duidt de laatste ontwikkelingen bij alle ontwikkeltrajecten. Je ziet het terugkomen in onze modellen; in 360SAMR is het de B van basispositie, bij propositieontwikkeling halen we externe experts uit onverwachte hoeken en industrieën naar binnen en bij Toekomsttafels kijken we naar de grote ontwikkelingen. Alles met het denkkader van design thinking als stuwende kracht.

Vind je het interessant om eens na en door te denken over de toekomst van jouw organisatie en wil je niet wachten tot DDW van volgend jaar? Ik nodig je van harte uit om eens te sparren. Of schuif eens aan bij één van onze maandelijkse Toekomsttafels of de masterclass design thinking in februari.



Afbeelding: Tube Chair, Maarten Baptist

data

De inklopstagiair en andere datafouten

Data bieden kansen voor vrijwel iedere organisatie. Toch haalt lang niet iedereen het maximale uit deze goudmijn. Vier veel voorkomende datafouten op een rijtje. En – belangrijker – wat je wel moet doen.


1. Er is geen overzicht

Data in je bezit hebben betekent niet perse dat je erover kunt beschikken. Bijvoorbeeld door silo-denken: elke afdeling zijn eigen eilandje. Verschillende systemen, verschillende bevoegdheden, gebrek aan communicatie. Het overzicht ontbreekt. En dus zie je geen kansen.

Een data-analist kan pas echt aan de slag als hij toegang heeft tot alle data. Dus 1) zorg dat er één persoon wordt aangesteld met het overzicht. Met 2) toegang tot alle data, over silo’s heen.

2. Wees niet perfectionistisch

Een andere veelgemaakte fout is perfectionisme. De data is niet compleet, dus wordt er niet gestart. Er moet eerst een stagiair aan de slag. Weken lang data inkloppen om het bestand compleet te maken. Zonde van de moeite. Niet alleen leert die stagiair niets – en rent waarschijnlijk gillend weg, maar dat terzijde – het is ook nog eens totaal onnodig.

Je hebt niet alle data nodig om tot inzichten te komen. Gatenkaas mag! De truc is om je data te koppelen en zo te verrijken. Dat is niet altijd even makkelijk, maar dat is onderdeel van datacreativiteit.

Een mooi voorbeeld zagen we bij een leverancier van horecakoelingen. Alles wat ze hadden waren een paar ‘excelletjes’. Maar door die excelletjes aan elkaar te koppelen konden we de klant definiëren. En dat was de basis voor een leadgeneration-model.

3. Durf te delen

En dan heb je nog de bedrijven die als een malle data gaan verzamelen. Ze willen alles zelf hebben, komen om in de bestanden en gegevens. Onnodig. Kijk eerst eens om je heen. Wat is er aan open data beschikbaar? En wat dacht je van data dating; het koppelen van bestanden van verschillende organisaties. Voor je gelijk begint over de AVG, maak je geen zorgen: dat koppelen doe je op geaggregeerd of anoniem niveau. Privacy komt absoluut niet in het gedrang.

Je ziet data dating al gebeuren bij grote organisaties. Een energiemaatschappij die data uitwisselt met een bank bijvoorbeeld. Data dating brengt nog een voordeel met zich mee. Er is namelijk geen mens die wiskunde-, data-, techniek- én domeinkennis heeft. Door je data te combineren met andere organisaties, deel je gelijk expertises. Kortom: durf te delen.

4. Je hoeft niet groot te zijn

Misschien is bovenstaande allemaal niet op jou van toepassing, maar werk je in een kleine organisatie. Daar zien we nogal eens het Calimero-effect. ‘Wij zijn veel te klein om met data aan de slag te gaan.’ Nee dus.

Er zijn zoveel data beschikbaar, dat er heel veel mogelijk is. Zelfs de kleinste bedrijven kunnen data-driven zijn. Een specialistisch trainingsbureau hielpen wij bijvoorbeeld met het vinden van nieuwe klanten door middel van data.


Maak geen valse start, data is de selling machine van nu. Doe je het goed, heb je goud in handen. Twijfel je hoe te beginnen, bel gerust. Met een gratis datascan laten we je zien waar jouw kansen in data liggen.

1 LinkedIn Post SAMR EBranding JUMBO

Employer branding is: erbij willen horen.

In een tijd waarin goede medewerkers moeilijk zijn te vinden, is employer branding onmisbaar. Eelco van de Stolpe treft een enthousiaste Jumbo medewerker. En beseft weer eens waarom je verhaal in orde moet zijn.


Nieuwsgierig na enthousiaste verhalen, week ik laatst af van mijn vertrouwde supermarkt en bezocht de net geopende Jumbo Foodmarkt in Leidsche Rijn. Bij de groente-afdeling zag ik een bekend gezicht. Hans, een medewerker die ik bij mijn eigen Jumbo al even niet meer had gezien. Jammer, want hij hielp ontzettend goed. Altijd net dat extra stapje.

Nu trof ik hem hier, in Jumbo’s nieuwe belevingswinkel, waar zijn instelling perfect bij past. Ik ging er dus vanuit dat Jumbo hem had overgeplaatst. Niets was minder waar. Glunderend vertelde Hans een heel ander verhaal. Hij was fan van het nieuwe concept, was zelf al bij de eerste Foodmarkt in Amsterdam gaan kijken en toen ze onlangs vroegen of er iemand geïnteresseerd was om in Leidsche Rijn aan de slag te gaan, wist Hans genoeg: ‘Mijn vinger ging vanzelf omhoog!’

Een mooier voorbeeld van employer branding is er niet.

Van employee branding naar employer branding

Employee branding of employer branding, ik heb het idee dat ze nog al eens door elkaar gehaald worden. Terwijl het verschil eenvoudig is. Employee branding is van vroeger, employer branding van nu.

Wie herinnert zich zijn eerste ‘echte’ baan niet? Grote kans dat het verhaal van je eerste baas er niet zoveel toe deed, het ging om de functie. Ikzelf ging als research consultant bij een klein klant- en medewerkers onderzoeksbureau aan de slag. Ik was blij met een mooie job en maakte mij in de loop van de tijd het verhaal – de waarden – van het bedrijf eigen; employee branding.

Dat is nu wel anders. Inmiddels kiezen medewerkers niet alleen een functie die ze leuk vinden, ze kijken ook naar de waarden van hun (toekomstige) werkgever; employer branding. Niet alleen de meer ervaren medewerkers, gepokt en gemazeld door hun werkzame jaren, maar ook de ‘jonkies’, de veelbesproken millennials. Zij hebben geen ervaring meer nodig om te beseffen dat een baan meer is dan werk. Dat een werkgever bij je moet passen.

Aantrekken en behouden

Employer branding dus. Oftewel: het beeld (imago) van een organisatie als beste plek om te werken volgens huidige en potentiële medewerkers. Een goede employer branding trekt medewerkers aan en maakt ze betrokken en gemotiveerd.

In de strijd om talenten is employer branding meer dan ooit onmisbaar. Een oprecht verhaal met waarden waar toekomstige medewerkers zich mee vereenzelvigen. Het komt allemaal neer op de bezieling van je organisatie. Collega Wolter Kloosterboer schreef er recent over: ‘waarom bezieling nog belangrijker is dan CX en EX’. Bezieling, een verhaal, oprechtheid. Dat trekt niet alleen klanten, maar ook de juiste medewerkers. Ze geloven in jouw verhaal, het past bij ze, daar willen ze onderdeel van worden. Zie Hans.

Enthousiasme

Spontaan legde Hans mij nog even de kern van de zaak uit. Waarom deze winkel zo belangrijk is en van deze tijd is; de beleving en dat mensen goed geholpen willen worden. Onderscheidend zijn van de concurrenten die thuis bezorgen. “Echt mooi om daar onderdeel van uit te maken.”

Kortom, betrokkenheid alom. Hans is voor mij het voorbeeld van de loyale en bevlogen medewerker; de ambassadeur. Hij is intrinsiek gemotiveerd om het concept waar te maken. Hij herkent zichzelf in de employer branding en wil daar maar al te graag onderdeel van zijn.

Een oprecht verhaal

Maar let wel, het sleutelwoord bij employer branding is ‘oprecht’. Want als blijkt dat het mooie verhaal waar medewerkers voor zijn gevallen niet oprecht is, dan heb je een probleem. ‘Expectancy gap’ noemen Tracy Maylett en Matthew Wride het in hun boek ‘Employee Experience’. Hoe groter het gat tussen de verwachtingen van je medewerker (jouw waarden, jouw verhaal) en de werkelijkheid, hoe slechter de employee experience. Juist nu medewerkers die waarden zo belangrijk vinden en overspoeld worden met mooie banen, hoef ik je niet te vertellen dat ze bij een slechte employee experience zo weer weg zijn. En in termen van employer branding: het is dan waarschijnlijk dat zij een slecht verhaal vertellen over je organisatie.

Maar is jouw verhaal oprecht en matchen die waarden wel, dan voelt een medewerker zich als een vis in het water. Maylett en Wride noemen dat ‘expectancy alignment’. De waarden van de medewerker zijn gelijk aan jouw waarden en dat straalt hij dan ook als vanzelf uit richting je klanten. Onweerstaanbaar worden voor klanten, maar ook voor nieuwe talenten.

Ambassadeurs

Goede medewerkers zijn moeilijk te vinden, hoor je overal. Ik denk dat het genuanceerder ligt: ze zijn er heus, maar jouw verhaal moet ze aanstaan. Als dat het geval is heb je ambassadeurs voor het leven.  En zullen bij al je plannen de vingers spontaan de lucht in gaan.

Boardroom Blitz 8: Het DGA / Shell-dilemma

Wat heeft Shell met een DGA te maken?

Hun dilemma is hetzelfde.

Dat is

Winstmaximalisatie of investeren in de toekomst.

Begint u met Shell

Bedrijf ziet zich voor een keuze. Olie levert nu veel op. Maar de toekomst ligt elders.

Dus

Als Shell wil investeren in schone brandstoffen, beslissen haar grootaandeelhouders: de pensioenfondsen. En pensioenfondsen willen rendement, dus: einde vernieuwingsambities. Shell is geen bedrijf maar een pensioenpot.

Goed, nu ben ik DGA van een accountantskantoor

Jij bent je eigen pensioenfonds. En dat fonds denkt: nog een paar jaar zoveel mogelijk winst maken en dan tegen vijf keer die cijfers verkopen.

Logisch

Nee, de digitale transformatie gaat ook jouw markt totaal veranderen. Boekhouden is binnenkort een app. Wie zegt dat jij over 5 jaar nog een interessante overnamepartij bent?

Dus

Vernieuwen en relevant blijven. Of uitmelken en misschien met lege handen staan.


Jorgen Botermans is Algemeen Directeur van SAMR Marktvinders. Hij is ervan overtuigd dat de boardroom geen tijd mag verliezen. Volgende keer: Nederland file-lus land.
Deel 7: de warm-waterketel-sjaak

Boardroom Blitz #7: De warm waterketel-sjaak

Warm-waterketel-sjaak, legt u uit

Gevestigde partijen zijn steeds vaker de pineut. Buitenspel gezet door derden. Begrijp ik het woord sjaak.

Warm-waterketel?

Vroeger kwam je CV-thermostaat van de ketelleverancier. Die verdiende leuk aan een ding dat alleen de temperatuur regelde.

Hun terrein.

Ze beseften niet dat een thermostaat een waanzinnige leverancier is van data, veel vertelt over de leefstijl van klanten. Zagen gasten van twintig wel.

De NEST.

En de TOON van Eneco; producten die bedacht zijn door data-jongens en designers. Die dus een markt aanboren op jouw terrein, je eigenlijk wegvagen.

En de ketelleverancier…

Installeert voortaan alleen nog de ketels. Erger: ze spelen geen enkele rol in de data-industrie. Terwijl ze goud in handen hadden.

Wat doen wij hiertegen?

Co-creatie.

Met?

Data creatives en jonge designers. Ga om tafel en bedenk welke rol je product of dienst kan spelen in de huidige tijd. En doe dat morgen.


Jorgen Botermans is Algemeen Directeur van SAMR Marktvinders. Hij is ervan overtuigd dat de boardroom geen tijd mag verliezen. Volgende keer: Het DGA / Shell dilemma.
Deel 6: Waar blijft je CDO?